Hoe spiritueel Afrika de slavernij overleefde in de Cariben

Met de handel in slaafgemaakten kwamen ook Afrikaanse kennis, geloofsopvattingen en rituele praktijken naar het Caribisch gebied. Ze leven krachtig voort ondanks eeuwen van kolonialisme. Dit toont etnografisch onderzoeker en schrijver Bob Harms met zijn boek Echoes of Africa aan de hand van historisch en cultureel onderzoek. Hij presenteerde het al in Amsterdam. Op 9 oktober in Curacao.

Geheimzinnige, mysterieuze rituelen en gebruiken in het Caribisch gebied. Rituelen zoals voodoo in Haiti, winti in Suriname en brua en ocho dia in Curacao. Buitenstaanders doen ze graag af als bijgeloof en folklore. Zo niet in Amsterdam, eind september aan het Oosterdok, een omgeving met vele sporen van het koloniale verleden. In de Openbare Bibliotheek presenteerde etnograaf en schrijver Bob Harms op 23 september zijn boek Echoes of Afrika – Een onderzoek naar de Afro-Creoolse spirituele tradities die de culturele identiteit hebben gevormd van Curacao, Bonaire en Aruba.


Onder het publiek, deels met Curaçaose en Arubaanse achtergrond, blijkt een grote behoefte te leven aan inspiratie en aan kennis van de Creoolse wortels en spirituele waarden. Erkenning en validering spelen. Opvallend, ook bij jonge generaties.
In het voorwoord in het boek schrijft antropoloog en buitengewoon hoogleraar Rose Mary Allen dat het winst is dat Harms een poging doet om de Afro-Caribische spiritualiteit niet als reliek of als folklore weg te zetten, maar als een coherente volhardende robuuste filosofie. Zij vindt het een geslaagde poging.

Etnograaf en schrijver Bob Harms over zijn onderzoek en boek Echoes of Africa, in de theaterzaal van de Openbare Bibliotheek op het Oosterdok in Amsterdam. 

Bob Harms werpt met zijn boek een licht op een spirituele en culturele verhuizing die van groot formaat blijkt. Het gaat om overgedragen diepe wijsheden vanuit het hart van Afrika, vanuit Centraal-Afrika zoals Angola en de Kongo-regio. Kennis en spirituele inzichten die waren ontstaan ver voordat sprake was van een Europese beschaving. Harms biedt inzicht hoe de spirituele gebruiken en tradities behouden hebben kunnen blijven ondanks het transatlantische drama van slavernij. Zo ook in welke vormen en hoe dit wonderwel samenhing met het westerse Christendom, het katholicisme en protestantisme.


Van waarde is ook dat de huidige nakomelingen van de tot slaafgemaakten met dit boek een toegevoegd middel hebben om deze oude waarden en kennis bewust te herontdekken en te verkennen. Dit viel op te maken uit de enthousiaste en betrokken reacties van het publiek.


Tegelijk is er nog altijd schroom. Een sfeer van schaamte en taboes hangt rond Afrikaanse roots. Ook dit kwam ter sprake tijdens de presentatie. Harms deed uit de doeken hoe dit verklaarbaar was vanuit een manipulerende rol van de koloniale machthebber. Met het gebruik van mentale trucs wist de West-Indische Companie wel raad met het onder de duim houden van de koloniale handelswaar. En anders deed de katholieke kerk wel een duit in het zakje. Een proces van dehumanisering, ontmenselijking, waarover Harms tijdens de avond op aangrijpende wijze betoogde dat de Afro-Creoolse spiritualiteit dit wonderwel wist te overleven. Wat kunnen we van zijn onderzoek en boek leren

voor deze tijd, klinkt het uit de zaal, zodat het meer is dan een echo?
Harms is bezig met een volgend boek over dit fenomeen van behouden vrijheid ondanks de verbodsregels die de WIC oplegde aan spirituele samenkomsten, het gebruik van eigen taal en ondanks de rechten die de WIC gaf aan de witten om de zwarten te straffen.


‘Dit hebben wij niet alleen weten te overleven’, zegt Harms. ‘We hebben een taal kunnen creëren. We hebben ons geloof in stand kunnen houden, onze maaltijdrecepten. We konden ons verzetten in vele vormen. Wij staan hier omdat onze voorouders vrij waren in omstandigheden waarin alle vrijheid van hen waren afgenomen. Hier staan we. Dat is onze kracht.’